Verwondingen komen bij dieren
regelmatig voor en het is afhankelijk van de aard en de
ernst van de verwonding of behandeling door een
dierenarts al dan niet gewenst is. Een kleine en/of
oppervlakkige wond kan prima door de eigenaar behandeld
worden. Grote en/of diepe wonden kunnen beter aan de
dierenarts overgelaten worden. In het volgende zullen de
verschillende stadia van de wondbehandeling en -genezing
aan de orde komen.
Om te beginnen moet een wond grondig
gereinigd worden. Dat kan gebeuren met water en eventueel
zeep. Het is bij diepe wonden van belang dat er geen vuil
de diepte in gespoeld wordt en daar blijft zitten.
Wanneer de wond grondig gereinigd is
kan hij gedesinfecteerd worden. Dat kan in principe met
ieder desinfectans gebeuren en jodium is daarbij vanouds
een uitstekende keus. Povidon-jodium verdient de voorkeur
boven jodiumtinctuur, omdat het minder prikt en de
weefsels minder irriteert.
Na reiniging en desinfectie kan bepaald
worden of de wond gesloten kan worden. Dat sluiten kan
heel eenvoudig gebeuren d.m.v. van een verband of
pleister of zo nodig met behulp van hechtingen. Een wond
die gesloten wordt geneest sneller, mooier en met minder
complicaties dan een wond die open blijft. Wonden die, in
samenhang met de mate van verontreiniging, ouder zijn dan
acht a twaalf uur kunnen niet meer gehecht worden. Indien
men ze toch wil hechten, moeten ze eerst
"opgefrist" worden. Dat wil zeggen dat er een
verse wond gemaakt wordt door bijvoorbeeld de wondranden
weg te snijden. De genezing van een gesloten wond noemen
we een genezing "per primam". Doorgaans kunnen
afhankelijk van de leeftijd van de patiënt de hechtingen
na een a twee weken verwijderd worden. Heel gebruikelijk
is een periode van tien dagen.
Wanneer een wond sterk verontreinigd is
of er veel weefsel ontbreekt kan hij niet gesloten
worden. De wond moet dan "per secundam"
genezen. De tijdsduur van de wondgenezing is dan
afhankelijk van de grootte van de wond en de beschadiging
van het weefsel. De wondgenezing per secundam kent vier
stadia:
Het demarcatiestadium.
In deze fase worden verontreinigingen
en niet levensvatbaar weefsel door de patiënt
afgestoten. Soms is er veel weefsel zo beschadigd dat er
geen herstel mogelijk is. We zien dat vooral bij dieren
die vastgezeten hebben in klemmen. Ook bij verbrandingen
en dergelijke kan veel weefsel verloren gaan. Het spreekt
vanzelf dat de duur van dit afstotingsstadium afhankelijk
is van de ernst van de beschadigingen. Sodabaden en natte
verbanden kunnen in dit stadium veel goeds doen.
Het granulatiestadium.
In dit stadium van de wondgenezing
wordt het hiaat opgevuld met een eigenaardig, korrelig
weefsel dat bij aanraking gauw bloedt. Het is dus van
belang om beschadiging van dat granulatieweefsel zoveel
mogelijk te vermijden, bijvoorbeeld d.m.v. een droog
verband. Om te voorkomen dat het verband aan de wond gaat
plakken is het aan te bevelen om direct op de wond een
paraffine-gaasje aan te brengen.
Het epithelisatiestadium.
Wanneer de opening is opgevuld met
granulatieweefsel, wordt dat vanaf de wondranden bedekt
met nieuwe huid: epitheel. Wanneer de wond met nieuw
epitheel bedekt is, is het voornaamste gedeelte van de
wondgenezing voorbij. Er is dan geen verband meer nodig.
Daarna komt dan nog een, langdurig stadium.
Het cicatrisatiestadium.
In dit laatste stadium van de
wondgenezing trekt heel geleidelijk het met epitheel
bedekte granulatieweefsel samen en verbindweefselt tot
een litteken dat steeds kleiner wordt. Dit stadium kan
maanden tot jaren duren.
De genezing per secundam van een wond
is een zeer interessant proces om mee te maken. De
verschillende stadia van de wondgenezing zijn met het
blote oog gemakkelijk van elkaar te onderscheiden. Goed
kijken geeft een behoorlijk inzicht in de vorderingen die
de genezing maakt. Daarbij is ingewikkeld instrumentarium
niet nodig. Met een schaar en wat eenvoudige, ouderwetse
verbandmiddelen kom je een heel eind.
terug naar de inhoudsopgave
Download pdf
© GEMM'ART