GEMMARTS WEBLOG

Domeinen en Rijken

15 mei 2019

In de vorige eeuw werd de levende wereld ingedeeld in drie domeinen: de bacteriën, de archaea en de eukaryoten. De eukaryoten hebben een celkern, mitochondriën en kunnen meercellig zijn.
De eukaryoten werden ingedeeld in vier rijken: de dieren, de planten, de schimmels en de protisten. De protisten waren eencelligen met een kern en hun verwanten.
Nu we via het dna het spoor terug kunnen volgen, blijkt dat de stamboom veel ingewikkelder is. Protisten vormen geen groep en komen op allerlei verschillende plaatsen in de stamboom terecht. Dieren blijken nauwer verwant te zijn aan schimmels en amoeben, dan aan planten.
De stamboom van Archaea en Bacteriën is veel moeilijker te reconstrueren dan de stamboom van de Eukaryoten, omdat stukjes van het dna in hun cellen lukraak kunnen overspringen van de ene naar de andere cel.
Deze indeling van eukaryoten is gemaakt volgens de stamboom van eukaryoten van Eugene V. Koonin. Eukaryoten zijn ontstaan uit een symbiose van archaea-cel en een bacterie. Waarbij het mitochondrium werden gevormd uit een bacterie. Het genetisch materiaal lijkt in alle cellen van alle domeinen te zijn ontstaan uit dezelfde oorsprong, maar de celmembraan niet. De Archaea hebben een ander celmembraan. Men denkt nu dat de eerste cellen zijn ontstaan in de poriën van vulkanisch gesteente op de zeebodem, aanvankelijk zonder membraan. LUCA ( = last universal common ancestor) heeft geen celmembraan).
Nick Lane werkt dit uit in zijn boek: “The Vital Question” Hij maakt ook duidelijk dat door de aanwezigheid van mitochondriën binnen de cel, de celgroei en meercelligheid van de eukaryoten mogelijk is geworden. De celkern zou een gevolg zijn van de symbiose.

Kleuren

9 oktober 2018

‘Gemma kan goed tekenen, maar ze zal nooit een beroemde kunstenaar worden, want ze kan niet mooi kleuren’ zei zuster Redempta van de 5de klas (groep 7). En ze had gelijk. Vlakjes invullen met kleurpotloodjes, daar vond ik niks aan. Soms kreeg ik een kleurboekje. Plaatjes zonder kleur naast voorbeelden. De voorbeelden waren mooi egaal ingekleurd, maar dat was met kleurpotloden niet te bereiken.

kubusWe mochten geen viltstiften mochten we op de lagere school niet gebruiken. Op de middelbare school wel. In de tekenles mochten we de vlakken van een kubus invullen met viltstiften. We tekenden patroontjes. Met viltstiften kan ik ook geen mooie egale vlakken vullen. Je blijft strepen zien.

pimpelmees Op de middelbare school heb ik wel geleerd, dat je met kleurpotloden meer kan doen dan vlakjes vullen. Mijn klasgenoot Terry maakte verloopjes, van donker naar wit, of van de ene kleur naar de andere. Dat zag er veel beter uit, en was ook leuker om te doen. Ik ging vooruit!
Maar die mooie egale vlakken van de kleurboekjes kon ik niet maken. Ook later, met verf, lukte me dat niet. Ik dacht dat drukkers van kleurboekjes hier een simpele methode voor hadden. Later las ik dat Dick Bruna zijn plaatjes maakte met gekleurd papier. Met gekleurd papier kan je egale vlakken maken, maar het is wel veel werk. Knippen of snijden. Werden die kleurboekjes ook zo gemaakt? Maar het hoeft niet meer. Er zijn nu digitale tekenprogramma’s waarmee je de vlakjes mooi egaal kunt vullen. En ook verlopen en geleidelijke overgangen naar wit. Geen probleem meer. Het betekent echter niet dat ik nu een beroemd kunstenaar ben geworden.

Iemand belt aan

19 april 2018

Mijn dochters Caroline en Saskia hebben een lied gemaakt over mijn hondjes Masja en Mickey op de muziek van The Show Must Go On van Queen. Ik heb er een animatie bij gemaakt. Queen heeft auteursrecht op de muziek. Ik heb via Buma-Stemra geprobeerd toestemming te krijgen om de animatie op internet te zetten. Ik werd verwezen naar Sony ATV en Umusic. Ik moest een vertaling in het Engels maken en een formulier invullen in Nederlands en Engels. Ik heb 8 e-mails geschreven. Mij werd verteld dat ik waarschijnlijk geen toestemming zou krijgen en als ik wel toestemming zou krijgen dat het dan duizenden euro’s zou kosten. Het was voor de grap gemaakt dus daar had ik geen zin in.
Ik heb het opgegeven, maar mijn dochters niet. Zij stuurden een e-mail met de animatie naar Bryan May. Ze maakten er een Engelse ondertiteling bij. En ze kregen toestemming om het op YouTube te plaatsen. Simpel.
Masja en Mickey op Youtube

BNO

6 maart 2018

Toen ik begon met illustreren maakte ik alles op papier. Vaak zonder contract. Ik stuurde illustraties op met de post. Soms werden de illustraties na gebruik teruggestuurd, soms niet. Via de Nederlandse Vereniging van Illustratoren, de NIC, kwam ik in 1998 terecht bij de BNO, de Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers. Zo leerde ik welke rechten ik had. De BNO hield de illustratoren op de hoogte. De uitgeverijen kregen daar last van. Ze gingen contracten aanbieden waarin stond dat de illustrator afstand deed van auteursrechten. BNO raadde het af om dergelijke contracten te tekenen en maakten zelf een contract dat rechtsgeldig was: de illustratoren overeenkomst. Voor opdrachtgevers die zelf geen contract hadden heb ik het contract van BNO gebruikt.
Op een gegeven moment kreeg ik ook contracten aangeboden van uitgeverijen. Deze stuurde ik ter controle door naar BNO. Er was altijd wel iets mis. De mensen van BNO adviseerden mij om de contracten te laten wijzigen. Dat probeerde ik. Soms kreeg ik een mailtje waarin stond dat bepaalde onderdelen van het contract voor mij niet van toepassing waren. Soms werd er beloofd dat het contract aangepast zou worden. Maar dan kwam er meestal geen nieuw contract. Zelden is een contract voor mij gewijzigd.
Een paar jaar geleden nodigde de BNO illustratoren uit om hun visie te geven op de auteursrechtenkwestie. Ik besloot er heen te gaan. Op de bijeenkomst zaten veel illustratoren die geweigerd hadden contracten te tekenen die door BNO werden afgeraden. Ze hadden moeite om werk te vinden. Aan het eind van de middag kwam er een opgewekte illustrator binnenwandelen. Zij vertelde dat ze genoeg werk had. Ze tekende altijd alle contracten die ze aangeboden kreeg en daardoor stond ze bij de opdrachtgevers in een goed blaadje.
Zo werkt de vrije markt.

Stripverhaal

14 februari 2018

Ik ben geen striptekenaar geworden. Het kwam niet op mijn weg, en het is moeilijk om regelmatig iets leuks te verzinnen. Niettemin heb ik een keer een strip gemaakt. Het ging over de wurgcontracten van Sanoma. Sanoma had in 2001 de tijdschriftenuitgeverij VNU overgenomen, en bood al hun illustratoren een contract aan waarin stond dat Sanoma alle plaatjes 5 jaar lang gratis mocht hergebruiken in alle uitgaven. En daar wilden ze niet al te veel voor betalen. Als je het contract niet tekende kreeg je geen opdrachten meer van Sanoma.
Dit konden ze makkelijk doen. In Nederland wonen heel veel goede illustratoren. Er waren genoeg illustratoren te vinden die dit contract wel wilden ondertekenen. Bij gebrek aan betere opdrachtgevers. Zo werkt de vrije markt
Henk Stolkers riep de illustratoren van de emailgroep Illusie op om stripverhalen te maken tegen het Sanoma-contract. Een poging om het als groepje eenlingen op te nemen tegen een groot bedrijf. Daar heb ik aan meegedaan. Heeft het geholpen?
De BNO (Beroepsorganisatie van Nederlandse Ontwerpers) is met Sanoma gaan onderhandelen. En ook met alle andere uitgeverijen die contracten aanboden die het gebruik en hergebruik van illustraties goedkoper moesten maken. Dat doen ze nog steeds. BNO adviseert illustratoren om de contracten niet te accepteren. De uitgeverijen zoeken illustratoren uit die niet moeilijk doen.

Sanoma-strip

Portret van Beatrix

21 november 2017

Ik vond het leuk om portretten te tekenen. Om opdrachten te krijgen had ik voorbeelden nodig. Tijdens mijn opleiding op de Rietveldacademie had ik portretten getekend. Dat was meer dan 10 jaar geleden. Het leek me handig een nieuw voorbeeld te hebben van iemand die iedereen kent. Daarom heb ik een portret van Beatrix gemaakt. Zij was toen koningin.
In die tijd was er nog geen internet. Ik had alleen foto’s van kranten en tijdschriften. Op de cover van de Elsevier had een goede foto gestaan. Die heb ik gebruikt. Later kwam zei iemand dat je niet foto’s van anderen na mag schilderen zonder toestemming van de fotograaf. Er zit auteursrecht op. Maar dat wist ik toen niet.
Jaren later heeft dit schilderij in een expositie gehangen met 60 schilderijen van Beatrix. Ter ere van haar 60ste verjaardag.

De Nachtwacht en de stijl van Bruna

18 oktober 2017

Lang geleden beloofde ik nog weleens te tekenen in de stijl van iemand anders. Ik kreeg er altijd spijt van. Het kost veel meer tijd en dan moet het duurder worden. Maar dat werd het niet. Om het af te leren probeerde ik de Nachtwacht van Rembrandt na te maken in de stijl van Dick Bruna. Het resultaat had ik op mijn website gezet.
Dankzij internet kwam ik in aanraking met andere illustratoren. En toen kwam ik erachter dat Bruna auteursrechten had op zijn stijl. Om geen problemen te krijgen, heb ik toestemming gevraagd aan de auteursrechten-maatschappij van Dick Bruna (Mercis). En dat kreeg ik. Het plaatje was te druk, er stonden te veel details op, en de kleuren wijken af. Deze nachtwacht is dus niet in de stijl van Bruna.
De stijl van illustrators en kunstenaars wordt niet beschermd door het auteursrecht. Het monopoliseren van een stijl belemmert de culturele ontwikkeling. En het beperkt de vrijheid van artistiek uitingen. Naast Manet mochten ook Monet, Renoir, Degas en Cézanne impressionistische schilderijen maken.
Maar voor Dick Bruna werd een uitzondering gemaakt. Op basis van het "onrechtmatige daadsrecht". (Het moedwillig namaken van zijn stijl berokkend hem veel onrechtmatige schade).
Gelukkig is de stijl van Bruna moeilijk na te maken. Zijn dikke zwarte lijnen werden millimeter voor millimeter opgebouwd. Dat geeft ze een persoonlijke trilling. De manier waarop hij ruimte schept zonder perspectief is niet makkelijk te evenaren. En betoverende composities maken is ook niet voor iedereen weggelegd.
Mijn Nachtwacht is een vectorillustratie met gladde lijnen. De kleuren zijn mijn keuze. De compositie is van Rembrandt. Maar ook de uitgevers van kleur- en babyboekjes hoeven niets te vrezen. De kleuren van Mondriaan zijn vrij. Hetzelfde geldt voor zijn gevoelige lijnen. De stijl van Mondriaan is nooit beschermd geweest.

Vergissing

10 oktober 2017

De boeken ‘the selfisch gene’ van Richard Dawkins en ‘Sociobiology’ van E. O. Wilson kwamen uit in de tijd dat ik biologie studeerde. Hun theorieën vatte ik samen als volgt:
De genen die zijn overgebleven door de evolutie, zijn de genen die zorgen dat je zo veel mogelijk vruchtbare nakomelingen krijgt. De genen sturen gevoelens (instincten). Als je iets doet wat goed is voor het voortbestaan van je genen, dan voel je je prettig, als je iets doet wat slecht is hun voortbestaan, dan zorgen ze voor onaangename gevoelens. Als je bijvoorbeeld te weinig eet, dan voel je honger.
Dus na al die eeuwen van natuurlijke selectie zou ik genen moeten hebben die ervoor zorgen dat ik me prettig voel als ik zorg dat ik veel vruchtbare nakomelingen krijg.
Maar het vreemde is, dat ik daar eigenlijk niet veel van merkte. Na elke geboorte was ik erg gelukkig, maar dat bleef niet zo. Alles went. Maar waarom?
Het antwoord gaf Richard Dawkins in het boek ‘The blind watchmaker’. Genen zijn, net als het vrouwtje van Piggelmee, nooit tevreden. Als ze hebben gekregen wat ze willen, gaan ze om meer vragen. Dus na elk kind moet er weer een kind komen. En dat gaat door tot je ongeveer 50 bent. Daarna heb je nog 20 jaar om de jongste kinderen groot te brengen.
Je krijgt op die manier wel erg veel kinderen. Dat lijkt niet zo gunstig. Grootbrengen gaat beter bij een kleiner aantal. Maar het grootste deel van onze evolutie speelde zich af in tijden van grote kindersterfte. De genen zijn achterlijk. Ze pasten zich aan aan die omgeving. Niet aan de onze.

Kinderwens

5 oktober 2017

Welke eigenschappen zal de mens zal hebben in de verre toekomst? Dat is moeilijk te voorspellen. Als we dna kunnen knippen en verplaatsen zijn de mogelijkheden enorm.
Maar over de nabije toekomst is wel wat te zeggen. Zolang de eigenschappen van de nieuwe mensen nog afhankelijk zijn van de eigenschappen van hun ouders, blijven de kinderen op hun ouders lijken.
Als de omgeving zo verandert, dat het "andere" mensen zijn die kinderen krijgen, dan bestaat de volgende generatie uit meer "andere" mensen.
En de groep ouders is veranderd. Vroeger bestond de groep ouders uit mensen die zin hadden in seks. Maar dat is nu niet meer zo. De huidige ouders zijn mensen met een "kinderwens".
Als er een erfelijke basis is voor de "kinderwens", dan neemt die eigenschap toe. Kinderwensers krijgen meer kinderen, dus elke generatie worden er meer kinderen geboren die zelf een kinderwens hebben. Dat leidt tot overbevolking.
Waarschijnlijk kunnen we tegen die tijd de kinderwens-genen uit het dna van ons nageslacht laten knippen. Dan kunnen de kinderwensers kinderen krijgen zonder kinderwens. Dat zou een oplossing kunnen zijn. Echter, mensen met een "kleinkinderwens" zullen hier niet aan meewerken.

Bewustzijn

4 oktober 2017

De psycholoog Gordon Gallup heeft de spiegelproef ontwikkeld. Hiermee kun je vaststellen een dier (of een kind) zichzelf herkent in een spiegel. Eerst geef je het dier een spiegel, zodat het de spiegel kan onderzoeken. Als het dier slaapt breng je een vlek aan op het dier op een plek die het alleen in de spiegel kan zien. Dan wacht je tot het dier weer in de spiegel kijkt. Als het probeert de vlek weg te vegen, dan snapt het dier dat het zichzelf ziet.
Er zijn Japanse geleerden die denken dat ze te zijner tijd een robot kunnen maken met een bewustzijn. Hoe kun je testen of een robot een bewustzijn heeft? Je kunt een robot zo programmeren dat hij slaagt voor de spiegelproef. Maar dat bewijst niet dat er in die robot iets is dat overeenkomt met ons bewustzijn.
Bedoelen Japanners met bewustzijn iets meetbaars? Of bedoelen ze alleen maar dat het mogelijk wordt een robot te maken die net zo reageert als wij?

Groot maar kort, klein maar lang

26 september 2017
Image

Ik heb in de loop van de tijd veel illustraties gemaakt voor biologieboeken. Daar horen ook tekeningen van geslachtsorganen bij. Vlak voordat ik begon aan mijn eerste tekening van de vrouwelijke geslachtsorganen, hoorde ik een vrouw op de radio, die zei dat veel meisjes dachten dat hun kleine schaamlippen te lang waren. Ze wisten niet dat het heel normaal is, als de kleine schaamlippen wat langer zijn dan de grote schaamlippen. Dit kwam doordat in alle biologieboeken de kleine schaamlippen korter getekend waren dan de grote.
Dat was vervelend voor die meisjes. Dus ik besloot lange kleine schaamlippen te tekenen.
De opdrachtgevers vonden dat echter niet goed. Daarom heb ik de illustratie aangepast. Korte kleine schaamlippen.

Een paar jaar later leken de opdrachtgevers gelijk te krijgen. In radio- en televisieprogramma’s werd verteld dat veel meisjes hun lange kleine schaamlippen lieten inkorten. Plastische chirurgen waren blij dat ze zoveel vrouwen konden helpen. De nieuwe besnijdenis! Het aantal vrouwen met korte kleine schaamlippen nam toe. Mijn plaatje kwam overeen met de meest voorkomende vorm.

Maar dat leek maar zo! Als je nu in Wikipedia bij “schaamlippen” kijkt, staat er dat 60% van de vrouwen lange kleine schaamlippen heeft. Jammer! In al die schoolboeken die ik heb geïllustreerd staat de afwijkende vorm. Gelukkig zijn er tegenwoordig digitale biologiemethoden, zoals 10voorbiologie. Daar kon men de illustratie eenvoudig aanpassen.

Krokodillen

21 september 2017

Soms geeft een bedrijf een opdracht om plaatjes te tekenen, maar zijn ze niet van plan ze te gebruiken. Dit gebeurt als ze toekomstplannen hebben die ze geheim willen houden.
Zo kreeg ik de opdracht om krokodillen te tekenen voor een energiebedrijf. Ze waren bedoeld voor een boekje over energie voor kinderen. Eerst moest ik wat voorbeelden sturen waar ze uit konden kiezen. Daarna heb ik twaalf krokodillen getekend.
Toen ging het energiebedrijf fuseren. Het nieuwe bedrijf wilde geen krokodillen maar pinguïns. De krokodillen werden betaald maar nooit gebruikt.
Ik heb heel lang nagedacht over een verhaal waarin ik de tekeningen kon gebruiken. Een verhaal over een krokodil die vertelt wat hij graag doet, of wat hij later wil worden. Of wat hij meemaakt op reis. Niet echt leuk. Mijn dochter zei dat ik ook wel twee krokodillen op één plaatje kon zetten. En toen werd het opeens veel makkelijker. Zo is de animatie ontstaan van Joep en Rogier, vrienden.

Over mij

Gemma Stekelenburg is illustrator en bioloog

Inhoud

mij volgen

is mogelijk..